Riluzole

Bewijsniveau: L5 Voorspelde indicaties: 10

Inhoudsopgave

  1. Riluzole
  2. Riluzol: Van amyotrofische laterale sclerose naar polymicrogyrie (bilaterale parasagittale pariëto-occipitale vorm)
    1. Samenvatting in één zin
    2. Snel overzicht
    3. Waarom is deze voorspelling redelijk?
      1. Andere voorspellingen in de top 10
    4. Klinisch bewijs
    5. Literatuurbewijs
    6. Informatie over de Nederlandse markt
    7. Veiligheidsoverwegingen
    8. Conclusie en vervolgstappen
    9. Disclaimer

## Farmaceutisch beoordelingsrapport

Riluzol: Van amyotrofische laterale sclerose naar polymicrogyrie (bilaterale parasagittale pariëto-occipitale vorm)

Samenvatting in één zin

Riluzol is een geneesmiddel dat oorspronkelijk wordt gebruikt voor de behandeling van amyotrofische laterale sclerose (ALS). Het TxGNN-model voorspelt dat het mogelijk werkzaam is bij bilaterale parasagittale pariëto-occipitale polymicrogyrie, maar hiervoor zijn geen klinische studies en geen publicaties gevonden. De voorspelling berust uitsluitend op een modelberekening.

Snel overzicht

Item Inhoud
Oorspronkelijke indicatie Amyotrofische laterale sclerose (ALS)
Voorspelde nieuwe indicatie Bilaterale parasagittale pariëto-occipitale polymicrogyrie
TxGNN-voorspellingsscore 99,99%
Bewijsniveau L5
Marktstatus in Nederland Alleen ingetrokken (geannuleerd)
Aantal vergunningen 1 (0 geldig, 1 ingetrokken)
Aanbevolen beslissing Hold

Waarom is deze voorspelling redelijk?

Voor de werkingsmechanisme van riluzol zijn in de voor dit rapport verzamelde gegevens geen details beschikbaar. Uit de literatuur over ALS blijkt wel dat riluzol vermoedelijk de glutamaterge neurotransmissie remt en zo excitotoxiciteit en calciumoverbelasting van motorneuronen vermindert. Dit is echter geen onderdeel van de formele mechanismegegevens.

Het verband met de voorspelde indicatie is speculatief. Polymicrogyrie is een corticale ontwikkelingsafwijking, en de glutamaatmodulerende werking van riluzol zou in theorie relevant kunnen zijn voor de verhoogde prikkelbaarheid van de cortex. Hiervoor is in de beschikbare gegevens geen onderbouwing. De hoge score is een grafiekgebaseerde voorspelling en op zichzelf geen basis voor klinische actie.

Andere voorspellingen in de top 10

Geen van de overige voorspelde indicaties heeft klinisch bewijs. Enkele zijn biologisch plausibel omdat ze verwant zijn aan ALS:

  • Lagere-motorneuronsyndroom met laat-volwassen begin
  • Monomele amyotrofie
  • Mills-syndroom
  • Letaal arthrogryposis-voorhoornceldiseasesyndroom
  • ALS type 22

Deze lijken eerder een uitbreiding van de bestaande ALS-indicatie dan echte herpositionering. Voor ALS-gevoeligheid (rang 8) zijn wel 20 publicaties gevonden (bewijsniveau L4), vooral overzichtsartikelen en mechanistische studies, maar geen klinische studies. Dit is geen echte nieuwe indicatie, omdat het overlapt met de goedgekeurde ALS-indicatie. Voor enkele voorspellingen (zoals axiale spondylometafysaire dysplasie en trichomegalie-retinale pigmentdegeneratie-dwergismesyndroom) is geen duidelijk mechanistisch verband te onderbouwen.

Klinisch bewijs

Momenteel zijn er geen gerelateerde klinische studies geregistreerd.

Literatuurbewijs

Momenteel is er geen gerelateerde literatuur beschikbaar.

Informatie over de Nederlandse markt

RVG-nummer Productnaam Toedieningsvorm Goedgekeurde indicatie
RVG 109825 Glentek 50 mg, filmomhulde tabletten Niet vermeld Niet vermeld (vergunning ingetrokken)

Veiligheidsoverwegingen

Raadpleeg de SmPC (Samenvatting van de Productkenmerken) van het CBG-MEB voor veiligheidsinformatie. De bijsluiter (PIL) van de betreffende producten bevat aanvullende informatie. De volgende gegevens zijn wel beschikbaar:

  • Aandoeningen met een mogelijke contra-indicatie (uit de kennisgrafiek, niet uit de productinformatie): neutropenie, agranulocytose, middelenmisbruik/-afhankelijkheid, hyperbilirubinemie (ook erfelijke vorm), syndroom van Gilbert, interstitiële longziekte en door geneesmiddelen veroorzaakt leverletsel. Deze moeten aan de officiële productinformatie worden getoetst.
  • Geneesmiddelinteracties: in totaal 35 interacties geregistreerd. Voorbeelden van matige interacties: obeticholzuur, naltrexon, deferasirox, osilodrostat, anagrelide, asparaginase, brentuximab vedotin, clofarabine en methotrexaat. Lichte interacties: omeprazol, cafeïne, theofylline en aminofylline. Voor enkele middelen (o.a. metformine, simvastatine, ranitidine, salbutamol, ibuprofen) is het interactieniveau onbekend.
  • Leverfunctie: in de literatuur wordt gemeld dat bij ongeveer 50% van de ALS-patiënten die orale riluzol gebruiken de ALAT boven de bovengrens van normaal komt, bij 8% boven 3× en bij 2% boven 5× de bovengrens (PMID 32040174).

Conclusie en vervolgstappen

Beslissing: Hold

Onderbouwing:

  • De voorspelling voor polymicrogyrie berust alleen op het TxGNN-model (L5), zonder klinische studies of literatuur, en het mechanistische verband is speculatief. Daarnaast is de enige Nederlandse vergunning ingetrokken.

Om verder te gaan is het volgende nodig:

  • Gegevens over het werkingsmechanisme van riluzol (bijv. via DrugBank)
  • Systematisch literatuuronderzoek en preklinisch bewijs voor corticale malformaties
  • De actuele SmPC en bijsluiter van het CBG-MEB voor warnings en contra-indicaties
  • Een beoordeling van de beschikbaarheid en toedieningsvorm in Nederland, gezien de ingetrokken vergunning
  • Voor ALS-verwante voorspellingen: subtypespecifiek bewijs, en beoordeling of het een uitbreiding van de bestaande ALS-indicatie betreft

    Disclaimer

Deze inhoud is uitsluitend bedoeld voor onderzoeksdoeleinden en vormt geen medisch advies. Klinische validatie is vereist vóór elke klinische toepassing.



Copyright © 2026 藥提醒科技有限公司 (yao.care). For research purposes only. Not medical advice.

This site uses Just the Docs, a documentation theme for Jekyll.