Pregabalin
| Bewijsniveau: L5 | Voorspelde indicaties: 6 |
Inhoudsopgave
Pregabaline: Van angststoornis naar tendinitis
Samenvatting in één zin
Pregabaline wordt gebruikt bij angststoornissen, fibromyalgie, myofasciaal pijnsyndroom en postherpetische neuralgie. Het TxGNN-model voorspelt dat het ook werkzaam kan zijn bij tendinitis (peesontsteking). Er zijn geen geregistreerde klinische studies en geen directe literatuur die dit ondersteunen. De voorspelling berust vooral op het model.
Snel overzicht
| Item | Inhoud |
|---|---|
| Oorspronkelijke indicatie | Angststoornis, fibromyalgie, myofasciaal pijnsyndroom, postherpetische neuralgie (op basis van de TxGNN-kennisgraaf; de geregistreerde indicatietekst van de Nederlandse vergunning is niet beschikbaar) |
| Voorspelde nieuwe indicatie | Tendinitis |
| TxGNN-voorspellingsscore | 99,71% |
| Bewijsniveau | L4 (alleen mechanistische onderbouwing, geen directe klinische studies) |
| Marktstatus in Nederland | Alleen doorgehaalde (vervallen) vergunning |
| Aantal vergunningen | 1 (doorgehaald) |
| Aanbevolen besluit | Hold |
Waarom is deze voorspelling redelijk?
Pregabaline bindt aan de alfa-2-delta-subeenheid van spanningsafhankelijke calciumkanalen. Daardoor komt er minder van de prikkelende neurotransmitters vrij. Dit verklaart de werking bij neuropathische pijn en bij pijn met centrale sensitisatie, zoals fibromyalgie. Gedetailleerde gegevens over het werkingsmechanisme uit DrugBank ontbreken in de voor dit rapport samengestelde gegevens. De beschrijving hierboven is de algemeen bekende farmacologie.
Het verband met tendinitis is indirect. Tendinitis is vooral een mechanische en ontstekingsaandoening van de pees. Pregabaline zou hooguit de pijncomponent kunnen verlichten, vooral als er neuropathische of centraal gesensitiseerde pijn bij komt kijken. Een effect op het ontstekings- of herstelproces van de pees is niet aannemelijk. De hoge modelscore (0,997) wordt niet gestaafd door direct klinisch bewijs.
Bewijs uit klinische studies
Er zijn momenteel geen gerelateerde klinische studies geregistreerd voor pregabaline bij tendinitis.
Bewijs uit de literatuur
Geen van onderstaande publicaties onderzoekt pregabaline bij tendinitis zelf. Het gaat om indirect gerelateerde of niet-relevante artikelen.
| PMID | Jaar | Type | Tijdschrift | Belangrijkste bevindingen |
|---|---|---|---|---|
| 34052386 | 2022 | RCT | Arthroscopy | Orale pregabaline voor de operatie gaf na een arthroscopische rotatormanchetreparatie pijnscores die vergelijkbaar waren met die na een interscalene plexusblokkade. Het gaat om postoperatieve pijn, niet om tendinitis. |
| 32839073 | 2021 | Retrospectieve cohortstudie | J Orthop Sci | Onderzoek naar pijnstillend effect en opioïdbesparing van pregabaline na rotatormanchetreparatie. Eerdere studies lieten tegenstrijdige resultaten zien. Het gaat om postoperatieve pijn, niet om tendinitis. |
| 41017607 | 2025 | Casusbeschrijving/review | Praxis | Beschrijft aan fluorochinolonen gerelateerde invaliditeit na ciprofloxacine, met o.a. tendinopathieën. Niet over pregabaline als behandeling. |
| 40818536 | 2025 | Redactioneel commentaar | Arthroscopy | Commentaar over piriformissyndroom en de diagnostiek en chirurgische behandeling ervan. Niet over pregabaline. |
| 37051935 | 2023 | Casusbeschrijving | Pain Pract | Beknelling van de nervus cutaneus femoris posterior na een marathon, door tendinitis van de hamstrings. Niet over pregabaline. |
| 39703364 | 2024 | Preklinisch (dierstudie) | Adv Pharmacol Pharm Sci | Een plantenextract verminderde vincristine-geïnduceerde perifere neuropathie bij ratten. Het extract was geen pregabaline. |
Informatie over de Nederlandse markt
| RVG-nummer | Productnaam | Status |
|---|---|---|
| RVG 118497 | Linefor 300 mg, harde capsules | Doorgehaald |
De geregistreerde indicatietekst van deze vergunning is niet beschikbaar in de gegevens voor dit rapport. Raadpleeg de CBG-MEB-database voor de actuele status van pregabalinebevattende producten.
Veiligheidsoverwegingen
Tegenindicaties volgens de kennisgraaf (geen bijsluitertekst): de TxGNN-kennisgraaf koppelt pregabaline aan de volgende aandoeningen als mogelijke tegenindicatie. Dit zijn modelsignalen en moeten worden geverifieerd aan de hand van de SmPC.
- Angio-oedeem (alle varianten, ook erfelijk en door RAAS-remmers veroorzaakt)
- Trombocytopenie
- Spierziekten: myopathie, rabdomyolyse, familiale periodieke paralyse
- Verminderde nierfunctie
- Atrioventriculair blok
- Neurotische stoornis, dysthyme stoornis en angststoornis (opvallend, aangezien angststoornis ook als oorspronkelijke indicatie wordt genoemd)
- Fasciitis nodularis
Geneesmiddelinteracties: in totaal zijn 226 interacties gevonden (bron: DDInter). De belangrijkste:
- Ernstig (Major): morfine en liposomale morfine. Het risico op sedatie en ademhalingsdepressie neemt toe.
- Matig (Moderate): onder andere pioglitazon, rosiglitazon, troglitazon, difenoxine, difenoxylaat, dronabinol, nabilon, opium, metoclopramide en sibutramine.
Voor de volledige veiligheidsinformatie, waaronder waarschuwingen en contra-indicaties, raadpleegt u de SmPC (Samenvatting van de Productkenmerken) en de bijsluiter.
Conclusie en vervolgstappen
Besluit: Hold
Onderbouwing:
- Er is geen direct klinisch bewijs voor pregabaline bij tendinitis. De hoge TxGNN-score (99,71%) wordt alleen ondersteund door een indirect mechanisme via pijnmodulatie. De gevonden literatuur betreft vooral postoperatieve pijn of andere aandoeningen.
- Daarnaast heeft de enige Nederlandse vergunning in de gegevens de status “doorgehaald”.
Om verder te gaan is het volgende nodig:
- Gerandomiseerde studies naar pregabaline bij (chronische) tendinopathie, met pijn en functie als uitkomstmaten
- Beoordeling van de actuele SmPC en bijsluiter (waarschuwingen en contra-indicaties) via CBG-MEB
- Controle van de marktstatus van pregabalinebevattende producten in Nederland
- Aanvullende mechanistische gegevens uit DrugBank
- Een afweging van de veiligheid, met name sedatie, het gebruik samen met opioïden en nierfunctie
Opmerking: in dezelfde analyse heeft de voorspelde indicatie migraine (rang 5, score 99,47%) sterker bewijs. Het bewijsniveau is L2. Er zijn pediatrische RCT’s waarin pregabaline wordt vergeleken met propranolol en natriumvalproaat, en preklinisch onderzoek naar corticale spreidingsdepressie. Daar staat tegenover dat een fase 3-studie is ingetrokken en dat de studies klein en overwegend pediatrisch zijn. Migraine kan daarom een geschiktere kandidaat zijn voor verdere evaluatie als onderzoeksvraag.
Disclaimer
Deze inhoud is uitsluitend bedoeld voor onderzoeksdoeleinden en vormt geen medisch advies. Klinische validatie is vereist vóór elke klinische toepassing.