Fluoxetine
| Bewijsniveau: L3 | Voorspelde indicaties: 10 |
Inhoudsopgave
Fluoxetine: Van depressieve stoornis naar schizotypische persoonlijkheidsstoornis
Samenvatting in één zin
Fluoxetine is een selectieve serotonineheropnameremmer (SSRI) die oorspronkelijk wordt gebruikt bij depressieve en angststoornissen, onder meer bij depressie, boulimia nervosa en dwangstoornis. Het TxGNN-model voorspelt dat het mogelijk werkzaam is bij schizotypische persoonlijkheidsstoornis. De ondersteuning is beperkt: er zijn 0 geregistreerde klinische studies en 10 publicaties, waarvan slechts één kleine open-label studie fluoxetine direct onderzoekt bij deze aandoening.
Snel overzicht
| Item | Inhoud |
|---|---|
| Oorspronkelijke indicatie | Depressieve stoornis (major depressive disorder), naast o.a. angststoornis, dwangstoornis en boulimia nervosa. De vergunning in Nederland vermeldt geen indicatietekst, dus deze indicaties komen uit de kennisgraaf van TxGNN. |
| Voorspelde nieuwe indicatie | Schizotypische persoonlijkheidsstoornis |
| TxGNN-voorspellingsscore | 99,92% |
| Bewijsniveau | L3 |
| Marktstatus in Nederland | Alleen doorgehaald (geen geldige vergunning) |
| Aantal vergunningen | 1 (doorgehaald) |
| Aanbevolen beslissing | Hold (onderzoeksvraag) |
Waarom is deze voorspelling aannemelijk?
Over het werkingsmechanisme van fluoxetine zijn in de voor dit rapport samengestelde gegevens geen gedetailleerde mechanistische gegevens beschikbaar. Bekend is dat fluoxetine een SSRI is. De werkzaamheid bij depressie en angststoornissen is aangetoond, en mechanistisch kan het ook van toepassing zijn op schizotypische persoonlijkheidsstoornis.
De redenering is dat serotonerge modulatie affectieve instabiliteit en obsessieve en impulsieve symptomen kan verminderen. Die symptomen overlappen deels met schizotypische kenmerken. Dit is een hypothese en geen bewezen werkingsmechanisme voor deze aandoening.
De belangrijkste ondersteuning is een oudere, kleine open-label studie uit 1991 naar fluoxetine bij borderline- en schizotypische persoonlijkheidsstoornis. Daarnaast zijn er narratieve overzichten van de farmacotherapie bij cluster A-persoonlijkheidsstoornissen. Dit bewijs is zwak. Een patiëntcasus beschrijft bovendien een voorbijgaande psychose met psychogene polydipsie bij een schizotypische patiënt die fluoxetine gebruikte, wat een veiligheidssignaal is.
Bewijs uit klinische studies
Currently no related clinical trials registered. Er zijn geen geregistreerde studies (ClinicalTrials.gov of internationale registers) voor deze combinatie van geneesmiddel en aandoening.
Bewijs uit de literatuur
| PMID | Jaar | Type | Tijdschrift | Belangrijkste bevindingen |
|---|---|---|---|---|
| 29955451 | 2016 | Review | The Mental Health Clinician | Overzicht van de farmacologische behandeling van cluster A-persoonlijkheidsstoornissen (paranoïde, schizoïde, schizotypisch). |
| 8227492 | 1993 | Review | J Clin Psychopharmacol | Conceptueel kader en klinische strategieën voor medicatie bij persoonlijkheidsstoornissen. Oudere studies zijn moeilijk te interpreteren door veranderde diagnostische criteria. |
| 9448667 | 1998 | Cohort/overzicht | J Clin Psychiatry | Er is geen middel van eerste keus voor borderline- of schizotypische persoonlijkheidsstoornis. Verschillende middelen helpen sommige patiënten, afhankelijk van het symptoombeeld. |
| 1853957 | 1991 | Open-label studie | Am J Psychiatry | 22 patiënten met borderline- en/of schizotypische persoonlijkheidsstoornis kregen 12 weken fluoxetine zonder blindering. Zelfbeschadiging en klachtenscores namen significant af. De auteurs pleiten voor gecontroleerde studies. |
| 12214786 | 2002 | Niet gespecificeerd | Psychol Med | Persoonlijkheidsstoornissen bij depressieve poliklinische patiënten vóór en na behandeling met fluoxetine. Het gaat om depressie, niet om schizotypische stoornis zelf. |
| 15209835 | 2004 | Niet gespecificeerd | Aust N Z J Psychiatry | Persoonlijkheid en behandeluitkomst bij bipolaire II-stoornis. Alleen indirect relevant. |
| 7635854 | 1995 | Niet gespecificeerd | J Clin Psychiatry | Voorspellers van geneesmiddelrespons bij dwangstoornis. Alleen indirect relevant. |
| 37082034 | 2021 | Casusbeschrijving | Postępy Psychiatrii i Neurologii | Comorbiditeit van dwangstoornis en anorexia nervosa bij een 14-jarig meisje. Niet specifiek voor de voorspelde indicatie. |
| 33634761 | 2021 | Casusbeschrijving | CNS Neurol Disord Drug Targets | Behandeling van katatonie met asenapine bij een patiënt met schizotypische persoonlijkheidsstoornis. Betreft niet fluoxetine. |
| 9664779 | 1998 | Casusbeschrijving | Psychosomatics | Voorbijgaande psychose met psychogene polydipsie bij een schizotypische patiënt die fluoxetine gebruikte (veiligheidssignaal). |
Informatie over de Nederlandse markt
| RVG-nummer | Productnaam | Toedieningsvorm | Goedgekeurde indicatie |
|---|---|---|---|
| RVG 118221 | Fluoxetine Amdipharm 60 mg, harde capsules | Harde capsules | Niet vermeld (vergunning doorgehaald) |
Dit is de enige vergunning en deze is doorgehaald. Er is dus geen geldig geregistreerd fluoxetineproduct in de voor dit rapport samengestelde gegevens. De actuele status moet worden gecontroleerd bij het CBG-MEB.
Veiligheidsoverwegingen
Voor veiligheidsinformatie over waarschuwingen en contra-indicaties volgens de bijsluiter: raadpleeg de SmPC (Samenvatting van de Productkenmerken) en de bijsluiter. Deze gegevens waren niet beschikbaar.
- Contra-indicaties volgens de kennisgraaf (geen bijsluitertekst): de kennisgraaf van TxGNN koppelt fluoxetine aan onder meer:
- epilepsie, bipolaire stoornis en andere ernstige stemmingsstoornissen
- leverziekte, leverfalen en levercirrose
- diabetes mellitus, hyperglykemie en diabetische ketoacidose
- neutropenie en agranulocytose
- bloedstollingsstoornissen
- orthostatische hypotensie en andere hypotensieve aandoeningen
- beroerte, cerebrovasculaire aandoeningen, hartinfarct en coronaire trombose
- hyperlipidemie en hypertriglyceridemie
- obesitas
- goedaardige prostaathyperplasie
- galblaasziekte
- borstkanker
Deze lijst is een signaal en geen vastgestelde contra-indicatie. De SmPC is leidend.
- Geneesmiddelinteracties: er zijn 399 interacties bekend. Voorbeelden van ernstige (major) interacties zijn bupropion, lorcaserine, diethylpropion, dolasetron, eliglustat, palonosetron en cisapride. Er zijn ook veel matige interacties, onder meer met acetylsalicylzuur, clarithromycine, morfine en loperamide.
- Signaal uit de literatuur: een casus beschrijft voorbijgaande psychose met psychogene polydipsie bij een schizotypische patiënt op fluoxetine.
Conclusie en vervolgstappen
Beslissing: Hold (onderzoeksvraag)
Onderbouwing:
- Het bewijs voor schizotypische persoonlijkheidsstoornis bestaat uit één kleine open-label studie uit 1991, algemene overzichtsartikelen en een casus met een veiligheidssignaal. Er zijn geen geregistreerde studies, en de hoge modelscore (99,92%) is geen klinisch bewijs.
- Het enige Nederlandse product is doorgehaald.
Om verder te gaan is nodig:
- Een gerandomiseerde, placebogecontroleerde studie van fluoxetine bij schizotypische persoonlijkheidsstoornis
- Gegevens over het werkingsmechanisme en een mechanistische onderbouwing voor deze aandoening
- Veiligheidsinformatie uit de actuele SmPC en bijsluiter, inclusief evaluatie van het psychosesignaal
- Controle van de huidige vergunningsituatie bij het CBG-MEB
- Opmerking: binnen dezelfde voorspellingen heeft fluoxetine sterker bewijs voor fobische stoornis en agorafobie. Deze zijn mogelijk een betere prioriteit voor vervolgonderzoek.
Disclaimer
Deze inhoud is uitsluitend bedoeld voor onderzoeksdoeleinden en vormt geen medisch advies. Klinische validatie is vereist vóór elke klinische toepassing.