Dalteparin
| Bewijsniveau: L5 | Voorspelde indicaties: 5 |
Inhoudsopgave
- Dalteparin
- Dalteparine: Van pulmonaire embolie en purpura fulminans naar trombofilie door proteïne C-deficiëntie
Dalteparine: Van pulmonaire embolie en purpura fulminans naar trombofilie door proteïne C-deficiëntie
Samenvatting in één zin
Dalteparine is een laagmoleculairgewicht-heparine, oorspronkelijk gebruikt bij pulmonaire embolie, gedissemineerde intravasale stolling (DIC) en purpura fulminans. Het TxGNN-model voorspelt dat het mogelijk werkzaam is bij trombofilie door proteïne C-deficiëntie (autosomaal recessief). Voor deze voorspelling zijn geen klinische studies en geen publicaties gevonden; het is een pure modelvoorspelling.
Snel overzicht
| Item | Inhoud |
|---|---|
| Oorspronkelijke indicatie | Pulmonaire embolie, gedissemineerde intravasale stolling, purpura fulminans (volgens de TxGNN-kennisgraaf; er is geen geregistreerde indicatietekst beschikbaar uit de NL-vergunning) |
| Voorspelde nieuwe indicatie | Trombofilie door proteïne C-deficiëntie, autosomaal recessief |
| TxGNN-voorspellingsscore | 99,88% |
| Bewijsniveau | L5 |
| Marktstatus in Nederland | Alleen doorgehaald (vergunning geschrapt) |
| Aantal vergunningen | 1 |
| Aanbevolen beslissing | Hold |
Waarom is deze voorspelling aannemelijk?
Dalteparine is een laagmoleculairgewicht-heparine. Het versterkt de werking van antitrombine en remt factor Xa. Gedetailleerde gegevens over het werkingsmechanisme zijn in de voor dit rapport verzamelde data niet beschikbaar; de beschrijving hier berust op algemene farmacologische kennis.
Bij proteïne C-deficiëntie is de natuurlijke anticoagulatieroute verstoord, waardoor er een verhoogd trombose-risico is. Dit sluit conceptueel aan bij de oorspronkelijke indicaties purpura fulminans en verworven purpura fulminans, waarbij het proteïne C-systeem tekortschiet. Anticoagulatie is dus biologisch plausibel.
Toch is voorzichtigheid geboden. De standaardzorg bij ernstige aangeboren proteïne C-deficiëntie bestaat uit proteïne C-substitutie en antistollingsbehandeling. Een rol voor dalteparine zou onafhankelijk bevestigd moeten worden. De hoge score is niet onderbouwd met klinisch of literatuurbewijs.
Overige voorspelde indicaties (ter context)
| Rang | Voorspelde indicatie | Score | Beoordeling |
|---|---|---|---|
| 2 | Primaire afgiftestoornis van bloedplaatjes | 99,67% | Geen duidelijk mechanisme; anticoagulans kan bloedingsrisico verergeren |
| 3 | Pseudo-von Willebrand-ziekte | 99,52% | Geen therapeutisch mechanisme; waarschijnlijk een artefact van de graaf; bloedingsrisico |
| 4 | Atypisch hemolytisch-uremisch syndroom met thrombomoduline-afwijking | 99,34% | Losse conceptuele link; standaardzorg is complementremming |
| 5 | Pijnlijke neuropathie | 99,19% | Geen mechanistische link; één niet-relevante studie |
Bewijs uit klinische studies
Voor de belangrijkste voorspelde indicatie (trombofilie door proteïne C-deficiëntie) zijn momenteel geen gerelateerde klinische studies geregistreerd.
Voor de vijfde voorspelde indicatie (pijnlijke neuropathie) werd één studie gevonden, maar deze is niet relevant:
| Studienummer | Fase | Status | Inclusie | Belangrijkste bevindingen |
|---|---|---|---|---|
| NCT00445328 | Fase 4 | Voortijdig beëindigd | 84 | Dalteparine versus ongefractioneerde heparine ter preventie van veneuze trombo-embolie bij acuut zieke patiënten in het ziekenhuis. Geen link met pijnlijke neuropathie; waarschijnlijk een toevallige koppeling. |
Bewijs uit de literatuur
Momenteel is er geen gerelateerde literatuur beschikbaar.
Informatie over de Nederlandse markt
| RVG-nummer | Productnaam | Toedieningsvorm | Geregistreerde indicatie |
|---|---|---|---|
| RVG 120289//21898 | Fragmin 15.000 IE/0,6 ml, oplossing voor injectie | Niet vermeld | Niet vermeld (vergunning doorgehaald) |
De enige bekende vergunning bij het CBG-MEB is doorgehaald. Er is momenteel geen geldige vergunning voor een monopreparaat of combinatiepreparaat in de gegevens.
Veiligheidsoverwegingen
Contra-indicaties (uit de TxGNN-kennisgraaf, niet uit de officiële productinformatie): Leverfalen, hematologische aandoeningen, trombocytopenie, heparine-geïnduceerde trombocytopenie, bloedstollingsstoornissen, hemofilie, antitrombine III-deficiëntie, Glanzmann-trombasthenie en kwalitatieve trombocytendefecten, intracraniële en intracerebrale bloeding, solutio placentae, actieve maagzweer, colitis ulcerosa en inflammatoire darmziekten, galwegaandoeningen, obstructieve icterus, osteoporose (ook postmenopauzaal), arteriosclerosis obliterans, retinopathieën (diabetisch, hypertensief), retinitis, diabetische cataract, en (subacute bacteriële) endocarditis.
Geneesmiddelinteracties: In totaal zijn 216 interacties gevonden. Voorbeelden van ernstige (Major) interacties:
- Acetylsalicylzuur
- Ibuprofen
- Ketorolac
- Fondaparinux
- Abciximab
- Acalabrutinib
- Deferasirox
- Trastuzumab-emtansine
- Ibritumomab-tiuxetan
- Tositumomab (inclusief I-131)
Voorbeelden van matige (Moderate) interacties: fluvoxamine, fosinopril, fenfluramine, dexfenfluramine, sibutramine, sugammadex en jodide (I-123/I-131).
Raadpleeg de SmPC voor de officiële waarschuwingen en contra-indicaties.
Conclusie en vervolgstappen
Beslissing: Hold
Onderbouwing: De voorspelling is uitsluitend gebaseerd op het model (L5) zonder klinische studies of literatuur. Daarnaast is de Nederlandse vergunning doorgehaald en bestaat voor de patiëntengroep al een gevestigde standaardzorg (proteïne C-substitutie en antistolling).
Om verder te gaan is nodig:
- Een systematische literatuurstudie naar LMWH bij aangeboren proteïne C-deficiëntie, inclusief casuïstiek
- Gegevens over het werkingsmechanisme van dalteparine
- De actuele SmPC-waarschuwingen en -contra-indicaties van het CBG-MEB (de veiligheidsscreening kan hier nu niet op verder)
- Een beoordeling van de regulatoire route, aangezien de vergunning in Nederland is doorgehaald
- Een afweging van het bloedingsrisico bij de voorspelde indicaties met bloedingsneiging (rang 2 en 3), waarvan verdere evaluatie niet wordt aanbevolen
Disclaimer
Deze inhoud is uitsluitend bedoeld voor onderzoeksdoeleinden en vormt geen medisch advies. Klinische validatie is vereist vóór elke klinische toepassing.