Cetirizine

Bewijsniveau: L2 Voorspelde indicaties: 6

Inhoudsopgave

  1. Cetirizine
  2. Cetirizine: Van allergische rhinitis naar allergische urticaria
    1. Samenvatting in één zin
    2. Snel overzicht
    3. Waarom is deze voorspelling redelijk?
    4. Bewijs uit klinische studies
    5. Bewijs uit de literatuur
    6. Informatie over de Nederlandse markt
    7. Veiligheidsoverwegingen
    8. Andere voorspelde indicaties (ter oriëntatie)
    9. Conclusie en vervolgstappen
    10. Disclaimer

## Farmaceutisch beoordelingsrapport

Cetirizine: Van allergische rhinitis naar allergische urticaria

Samenvatting in één zin

Cetirizine is een tweede-generatie H1-antihistaminicum, oorspronkelijk gebruikt voor allergische rhinitis en idiopathische urticaria. Het TxGNN-model voorspelt dat het werkzaam kan zijn bij allergische urticaria, met 1 klinische studie (fase 3-pilot) en 18 publicaties in de data die voor dit rapport zijn samengesteld. Het bewijs is vooral indirect: één kleine pilotstudie en overwegend reviews.


Snel overzicht

Item Inhoud
Oorspronkelijke indicatie Allergische rhinitis, vasomotorische rhinitis, idiopathische urticaria, allergische conjunctivitis en verkoudheidsklachten (de goedkeuringstekst van de Nederlandse vergunning is niet beschikbaar)
Voorspelde nieuwe indicatie Allergische urticaria
TxGNN-voorspellingsscore 99,99%
Bewijsniveau L2
Marktstatus in Nederland Alleen doorgehaalde vergunning (geen geldige registratie in de data)
Aantal vergunningen 1 (0 geldig, 1 doorgehaald)
Aanbevolen beslissing Proceed with Guardrails (doorgaan met waarborgen)

Waarom is deze voorspelling redelijk?

Gegevens over het werkingsmechanisme zijn in de samengestelde data niet beschikbaar. Cetirizine behoort echter tot de H1-receptorantagonisten, en dit mechanisme is goed bekend. Bij allergische urticaria geven mestcellen histamine af, wat leidt tot kwaddels (wheals) en roodheid (flare). Blokkade van de H1-receptor sluit hier direct op aan.

De voorspelde indicatie ligt bovendien zeer dicht bij de bestaande indicatie idiopathische urticaria. Het gaat dus vooral om een uitbreiding binnen het bekende klasse-effect en niet om een nieuw mechanisme. Dit verklaart de zeer hoge modelscore.


Bewijs uit klinische studies

Studienummer Fase Status Inclusie Belangrijkste bevindingen
NCT02023164 Fase 3 Afgerond 36 Gerandomiseerde, dubbelblinde multicenter-pilotstudie naar intraveneuze cetirizine (10 mg) versus difenhydramine (50 mg) bij acute urticaria op spoedeisende hulp, spoedposten en allergiekliniekken. Toont haalbaarheid; geen definitieve werkzaamheidsstudie.

Bewijs uit de literatuur

De lijst bevat vooral reviews. Er zijn geen gerandomiseerde studies (RCT’s) naar allergische urticaria geïdentificeerd.

PMID Jaar Type Tijdschrift Belangrijkste bevindingen
7510611 1993 Review Drugs Cetirizine is effectief en goed verdragen bij seizoens- en perenniale allergische rhinitis en chronische idiopathische urticaria bij volwassenen.
1981354 1990 Review Drugs Farmacologische eigenschappen en klinisch potentieel van cetirizine bij rhinitis, door pollen uitgelokt astma en chronische urticaria; geen sederend effect bij 10 mg per dag.
16278258 2005 Review Ann Pharmacother Werkzaamheid en veiligheid van eerste- en nieuwere generatie antihistaminica bij allergische rhinitis en chronische idiopathische urticaria.
7530629 1994 Review Drugs Bij chronische idiopathische urticaria zijn niet-sederende antihistaminica de hoeksteen van de behandeling.
7645679 1995 Review Allergy Overzicht van klinische studies met cetirizine bij allergische rhinitis en chronische urticaria.
18201439 2007 Review Allergy Asthma Proc Levocetirizine (R-enantiomeer van cetirizine) bij allergische rhinitis en chronische idiopathische urticaria.
19808127 2009 Review Clin Ther Levocetirizine bij allergische rhinitis en chronische idiopathische urticaria bij volwassenen en kinderen.
17017922 2006 Review Curr Med Chem Levocetirizine: gunstige farmacokinetiek en minimale hepatische metabolisme.
11034010 2000 Casusbeschrijving J Clin Gastroenterol Casus van cetirizine-geïnduceerde cholestase; relevant voor de veiligheid.
19348661 2009 Casusbeschrijving J Dermatol Zeldzame casus van urticaria uitgelokt door H1-antihistaminica.

Informatie over de Nederlandse markt

RVG-nummer Productnaam Toedieningsvorm Goedgekeurde indicatie
RVG 120211//14635 Zyrtec 1 mg/ml drank Niet vermeld Niet vermeld (vergunning doorgehaald)

Voor het actuele overzicht van geregistreerde producten en de goedgekeurde indicaties wordt verwezen naar de database van het CBG-MEB.


Veiligheidsoverwegingen

Contra-indicaties volgens de kennisgraaf (niet gebaseerd op bijsluitertekst): de kennisgraaf koppelt cetirizine aan de volgende aandoeningen als aandachtspunt of contra-indicatie. Dit moet worden getoetst aan de SmPC.

  • Hart- en vaatziekten: hypertensie, coronaire hartziekte, atherosclerose
  • Nier- en leveraandoeningen: nierziekte (waaronder chronische nierziekte en terminaal nierfalen), leverziekte, galblaasziekte
  • Stofwisseling en hormonen: diabetes mellitus, diabetische ketoacidose, hyperthyreoïdie (Graves, thyreotoxicose)
  • Overig: benigne prostaathyperplasie, glaucoom (waaronder geslotenhoekglaucoom), pyoureter

Geneesmiddelinteracties: er zijn in totaal 783 interacties gevonden. Voorbeelden van matige interacties zijn bupropion, dronabinol, loperamide, metoclopramide, morfine, nabilon, opium, sibutramine, difenoxine en difenoxylaat. Dit zijn vooral middelen met een centraal dempend effect.

Casuïstiek: er is een melding van cetirizine-geïnduceerde cholestase (PMID 11034010).

Bijsluitertekst met waarschuwingen en contra-indicaties was niet beschikbaar. Raadpleeg de SmPC en de bijsluiter (PIL) voor de volledige veiligheidsinformatie.


Andere voorspelde indicaties (ter oriëntatie)

Voorspelde indicatie TxGNN-score Bewijsniveau Aanbeveling
Koude urticaria 99,95% L3 Proceed with Guardrails. Kleine studies, o.a. cetirizine met zafirlukast; geen fase 3-RCT. Verhoging van de dosering boven de geregistreerde dosis moet voorzichtig gebeuren.
Aandoening van de neusholte 99,77% L4 Onderzoeksvraag. Te breed begrip; eerst nader specificeren.
Acute laryngofaryngitis 99,72% L5 Hold. Alleen modelscore; H1-blokkade behandelt de meestal infectieuze oorzaak niet.
Rosacea-conjunctivitis 99,41% L5 Hold. Zwakke mechanistische onderbouwing.
Therapieresistente atopische dermatitis 99,19% L5 Hold. Beperkte werkzaamheid van antihistaminica; alleen jeukverlichting plausibel.

Conclusie en vervolgstappen

Beslissing: Proceed with Guardrails

Onderbouwing:

  • Het H1-mechanisme past direct bij urticaria en de indicatie ligt dicht bij de bestaande indicatie idiopathische urticaria. Het directe klinische bewijs bestaat echter slechts uit één kleine fase 3-pilotstudie (n=36), die geen definitieve werkzaamheid aantoont (daarom L2).
  • De Nederlandse vergunning is doorgehaald en bijsluiterinformatie ontbreekt, zodat een volledige veiligheidsbeoordeling nog niet mogelijk is.

Voor vervolg is nodig:

  • De SmPC en bijsluiter van het CBG-MEB ophalen en analyseren (waarschuwingen en contra-indicaties; dit is een blokkerende leemte)
  • Gegevens over het werkingsmechanisme aanvullen, bijvoorbeeld uit DrugBank
  • Een bevestigende RCT of systematische review voor allergische urticaria, met de IV-toedieningsroute apart beoordeeld (de pilotstudie gebruikte een injectie, die in Nederland niet als geregistreerd product is vastgesteld)
  • Controle van de actuele marktstatus en beschikbare toedieningsvormen in Nederland
  • Een veiligheidsplan voor patiënten met nier- of leverfunctiestoornissen, hart- en vaatziekten, glaucoom of prostaathyperplasie, en voor gelijktijdig gebruik van sederende middelen

    Disclaimer

Deze inhoud is uitsluitend bedoeld voor onderzoeksdoeleinden en vormt geen medisch advies. Klinische validatie is vereist vóór elke klinische toepassing.



Copyright © 2026 藥提醒科技有限公司 (yao.care). For research purposes only. Not medical advice.

This site uses Just the Docs, a documentation theme for Jekyll.